Woensdag 10 oktober 2018

WAT TE DOEN BIJ ONACCEPTABEL GEDRAG VAN DEMENTERENDE?

Ma tikte onlangs de vier maanden grens van haar verblijf in Huize Elisabeth aan. In al die tijd heb  ik nog geen verontrustende situatie met betrekking tot haar veiligheid mogen ervaren. Een keer ben ik zelf bijna van de sokken gereden door een medewerkster die in volle vaart een met handdoeken volgeladen hoge kar in de gang aanduwde zonder acht te slaan op het eventuele tegemoetkomend verkeer. Mevrouw zag gelukkig direct haar fout in, en beloofde zonder enige aansporing haar rijgedrag met onmiddellijke ingang te onthaasten en een betere zichtpositie in te nemen. Maar in de huiskamer van Ma is het vrijwel altijd pais en vree. Het is me soms wel wat te stil.
Dat menig bewoner langdurig in de slaapstand verkeert, wordt mogelijk veroorzaakt door te weinig prikkels van buitenaf. Om die reden heb ik directie en activiteitencommisie gesuggereerd om de restaurantruimte een aantal keren per week om te toveren in een bioscoopzaal, waar de bewoners filmvertoningen kunnen bijwonen van natuurdocumentaires en concertregistraties van pakweg Frans Bauer en Andre Hazes. Dat kan natuurlijk ook via de DVD-installatie in de huiskamer, maar ik heb al lang gemerkt dat dit medium doorgaans niet doordringt tot de doelgroep.
Dat het er lang niet overal zo vredig aan toe gaat als in Huize Elisabeth leert een artikel onder de kop ‘Belaagd door de demente buurman’ in De Volkskrant van woensdag 10 oktober. Aan de hand van het relaas van de 75-jarige Riet die op de gesloten afdeling in een verpleeghuis van zorgorganisatie Sutfene in Warnsveld volgens haar bezorgde echtgenoot is aangerand door een medebewoner, wordt seksueel grensoverschrijdend gedrag aan de orde gesteld. In het dossier van de belaagde Riet is slechts opgetekend: Vanmorgen is er een medebewoner bij mevrouw in bed aangetroffen. Zij zou hiervan geen hinder hebben ondervonden’. De 84-jarige man, die twee deuren verder aan de gang woont, is nadien naar zijn kamer gebracht. Volgens echtgenoot Otto van Tussenbroek (73) was er wel wat meer aan de hand. Hij citeert de verklaring van de dienstdoende verzorgende in de Melding Incidenten Cliënten (MIC): Meneer was boven het bedhek heengeklommen, had zijn broek uit en zat bovenop haar. Mevrouw kon zich niet verweren’. Natuurlijk is het merkwaardig dat dossier en MIC zo van elkaar kunnen verschillen, Otto van Tussenbroek maakt zich in eerste instantie logischerwijs zorgen over zijn vrouw. ‘Deze boom van een kerel heeft mijn vrouw aangerand. Riet kan niet lopen en niet meer praten. Ze zit helemaal opgesloten in haar lichaam. Ze is alerter, ze lacht minder, en ze voelt zich onveilig’. Lang verkeerde grensoverschrijdend, seksueel gedrag onder dementerenden in de taboesfeer, maar het probleem wordt nu door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd groot genoeg geacht om er speciale aandacht aan te besteden. Dementie leidt tot decorumverlies als niet tijdig wordt ingegrepen. Gebrek aan toezicht voortkomend uit personeelsgebrek speelt daarbij ook een rol. Dementerenden wonen juist op een gesloten afdeling omdat ze dikwijls niet meer weten wat ze doen en daarom kun je het hen ook niet kwalijk nemen als ze in de fout gaan (wanneer er geen toezichthouders op de afdeling zijn). Door het streven van de overheid om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen, komen alleen mensen die 24 uur per dag zorg nodig hebben nog in een verpleeghuis terecht. Daardoor is de doelgroep van zorginstellingen ‘zwaarder’ geworden en de druk op de verzorgenden niet zelden moordend. Bovendien komt deze ontwikkeling de aantrekkelijkheid van verpleeghuisfuncties niet ten goede.  Sutfene zocht de oplossing in een tijdelijke verhuizing van de agressieve bewoner. Inmiddels heeft Otto van Tussenbroek  geconstateerd dat de man weer in dezelfde gemeenschappelijke ruimte komt als zijn Riet, zo brengen zij de maaltijd noodgedwongen in elkanders gezelschap door.  De meeste zorginstellingen kennen een lange wachtlijst, het schuiven van de bewoners is daardoor meestal geen optie. Daarnaast zullen andere huiskamers ook niet erg happig zijn op een nieuwe medebewoner met een bepaald veiligheidsrisico. De Vereniging van specialisten ouderengeneeskunde, Verenso, pleit voor samengestelde teams bestaande uit een specialist ouderengeneeskunde, een psycholoog en de verzorgende om in samenspraak met de familie te komen tot ‘een analyse en een persoonsgericht plan’. In het Tijdschrift voor Ouderengeneeskunde werd in 2015 een vergelijkbare casus beschreven.  Een 66-jarige demente verpleeghuisbewoner, die zich ontkleedde op de gang en bewoonsters en personeel seksueel lastig viel, werd geconfronteerd met de aanpak van zo’n team.  De teamleden probeerden zijn seksuele driften te beteugelen met psycho-educatie en meer afleiding om zijn gevoelens van verveling te verminderen. Dan kom ik weer uit bij mijn pleidooi voor meer gezamenlijke activiteiten in de restaurantruimte van St. Elisabeth die niet veel ondersteuning vergen, zoals genoemde filmvoorstellingen.  Muziek is hier (zie mijn vorige column) het beste medicijn tegen dreigend indutgedrag in de wetenschap dat de opgekropte energie toch ooit moet worden ‘afgeschud’.  In de zorginstelling in Warnsbroek wordt de situatie er intussen niet gezelliger op. Omdat de dementerende aanrander zich nog steeds vrij rond zijn echtgenote heen kan bewegen, heeft Otto van Tussenbroek inmiddels aangifte gegaan tegen Sutfene. Omdat het hier om een individueel geval gaat, wil Sutfene geen vragen beantwoorden van de Volkskrant. De auteur van het artikel, Charlotte Huisman, zegt wel over de rapportages en correspondentie over het incident te beschikken. Los van de privacygevoeligheid dringen wel twee vragen waarvan een met een algemeen karakter zich op;
Hoe is het te verklaren dat het dossier van de 75-jarige Riet en het verslag van de dienstdoende verzorgende niet op elkaar aansluiten? Waarom is het verslag van de verzorgende niet letterlijk in het zorgdossier terecht gekomen?
Hoe luidt het protocol in de zorginstelling waar de dierbare verblijft, wanneer er sprake is van ‘seksueel ontremd gedrag door de bewoners?’
Vraag 2 moeten alle directies van zorginstellingen gewoon kunnen beantwoorden, of dat nu de directie van Huize St. Elizabeth of de directie van Sutfene betreft. Contactpersonen, mantelzorgers en niet in de laatste plaats de bewoners zelf hebben gewoon recht op deze informatie. Otto van Tussenbroek stapte naar De Volkskrant met dit verhaal ten bate van ‘alle mensen die familie hebben in een verpleeghuis’.  Ik ben intussen heel benieuwd hoe de beleidsmakers en gezagsdragers met deze aanklacht zullen omgaan. Een reactie kan en mag uiteraard niet uitblijven.