Donderdag 11 januari 2018

"DOOD EN ZO" IS GEBOREN ONDER EEN ONGELUKKIG GESTERNTE

Tijdens de KringProef in september was de scène uit ‘Dood en Zo’ van het Noord Nederlands Toneel/Het Station een van de weinige presentaties waar ik enthousiast over kon zijn. Ik was dus heel benieuwd naar de gehele voorstelling voor twee actrices die overigens slechts vijf kwartier in beslag neemt. Mijn geduld werd echter langer op de proef gesteld dan verwacht. Op de oorspronkelijke datum, 30 november, kon de opvoering niet doorgaan wegens ziekte van actrice Eva Duijvestein, de ‘jonge’ van de twee. Als nieuwe datum werd 11 december geprikt. Duijvestein bleek echter niet op tijd voldoende hersteld te zijn en wederom zocht De Kring naar een nieuwe datum. Afgelopen dinsdag was het dan eindelijk zover. Drie Maal is scheepsrecht zou ook hier van toepassing zijn. Op de bewuste avond bleven de zaaldeuren dusdanig lang gesloten dat ik toch weer het ergste begon te vrezen. Voetballers raken tijdens de warming-up ook wel eens geblesseerd, dus waarom zou dit een fragiele toneelspeelster niet kunnen overkomen? Om zeventien over acht pleegde een jonge technicus tot mijn grote opluchting de verlossende handeling. Het irritante paarse lint werd in een handomdraai verwijderd en de lege zaal wenkte uitnodigend naar het ietwat ongeduldig geworden publiek.

Op een A4-tje was de toeschouwers inmiddels te kennen gegeven dat Eva Duijvestein wederom niet ten tonele zou verschijnen. Ze kampt kennelijk met een wel erg hardnekkige burn-out. Haar personage in deze twee vrouwsproductie is inmiddels overgenomen door Nanette Edens. Kennelijk was haar te weinig tijd vergund om de rol in te studeren, want Edens liep het podium op met een tekstboek, wat ze gedurende de voorstelling ook niet meer zou wegleggen. Natuurlijk verdient de inspanning van het toneelgezelschap om de productie toch voort te kunnen zetten waardering, maar dit was niet bepaald de juiste oplossing.  Geen idee uiteraard hoe Duijvestein het er tot dan toe had afgebracht, maar Edens slaagde er gehinderd door haar tekstboek natuurlijk geen moment in om haar personage handen en voeten te geven, wat haar ook niet aan te wrijven viel.  Haar tegenspeelster Annemarie Prins, recentelijk nog even te zien geweest in de tv-serie ‘Hendrik Groen’, is een sterke- en doorgewinterde actrice. Het zou geloofwaardiger geweest zijn indien de dialoog was omgezet in een monoloog. Dan had Prins vrij-uit kunnen spelen. Een ander alternatief was mogelijk een blog-verbinding via internet geweest. Stel: dochterlief of goede vriendin was met man en kinderen naar Nieuw-Zeeland geëmigreerd. Via een levensgrote beeldverbinding kunnen de twee vrouwen toch dagelijks contact met elkaar houden via bijvoorbeeld een gezamenlijke maaltijd.  Dan had de regie het aandeel van de jonge vrouw slechts een keer op hoeven nemen.  Voor de opvoering vereist deze vormgeving wel een perfecte timing van de kant van Prins, maar dat zou voor de actrice juist in deze levensfase een uitermate nieuwe, nuttige ervaring zijn geweest.  Maar afijn, zo goed en kwaad als het kon, werd dus toch aan de oorspronkelijke opzet vastgehouden.  Aan de daadwerkelijke voorstelling ligt een opmerkelijk verhaal ten grondslag.  Vier jaar geleden werd bij de 84-jarige Prins longkanker gediagnosticeerd en meteen kwam bij haar de gedachte boven drijven om daar in theatrale zin iets mee te doen. Zelf zag ze dat niet als beroepsdeformatie. ‘Mijn rampspoed ten gelde maken’, zo omschreef ze haar nuchtere, economische  benadering in een interview. Magere Hein besloot toch nog eventjes weg te blijven. De bestraling pakte goed uit, de tumor verdween op miraculeuze wijze. Het onderwerp, de dood, hoe ga je daar eigenlijk mee om?, liet Prins echter niet los.   Samen met haar vierenveertig jaar jongere vriendin Eva Duijvestein voerde ze er talloze diepgaande gesprekken over, terwijl het opnameapparaat mee liep. Toneelschrijver Sophie Kassies ging met het ruwe materiaal aan de slag en zag kans hier het stuk ‘Dood en zo’ uit te fabriceren. Grof, hilarisch, vol mededogen en levenslust, waren woorden die gebezigd werden in recensies toen Duijvestein nog van de partij was. Regisseur Hendrik Aerts laat de twee vrouwen hun gesprekken voeren in het water van een pierebad waarmee de hele toneelvloer is bedekt. Water is het oersymbool voor zowel leven als dood. Onderzoekers hebben vastgesteld dat het menselijk leven op de diepe bodem van de oceanen moet zijn ontstaan. Het water geeft dus, en het water neemt weer als je tijd eenmaal gekomen is. De regie heeft in samenspraak met de actrices mede ter voorkoming van vals sentiment bewust gekozen voor korte, harde zinnen. Dagelijks gaan er immers zoveel mensen dood, volwassen mannen en vrouwen, maar ook heel wat jonge kinderen. ‘Dan kan dat ouwe lijk van mij er ook wel bij’, stelt Prins realistisch. Helaas werd de overdrijving niet geschuwd. 'Het waait uit jouw kut, uit jouw kut naar mijn graf!', is zo’n zin die ten onrechte niet geslachtofferd is aan het rode potlood.  Veel treffender zijn de mooie bespiegelingen 'De wereld zonder mij - ik weet zeker dat hij niet bestaat' die gelukkig ook de nodige ruimte hebben gekregen. Vanuit de huidige opvatting kan gesteld worden dat het niet zozeer de angst voor de dood zelf is waar veel mensen in dit tijdsgewricht mee te kampen hebben, zie wederom Hendrik Groen, de vrees voor aftakeling en wilsonbekwaamheid is zo mogelijk veel groter. Om die reden is het in bezit hebben van bepaalde Chinese levens beëindigende kruiden voor grote groepen mensen een geruststellend e gedachte. Als het moment voor hun gevoel daar is kunnen ze dan zonder enige bemoeienis van buitenaf geheel zelfstandig kiezen voor toch nog even doorleven of de onvermijdelijke dood. Na het ‘en zo’ wacht nog slechts  de eeuwige dodelijke saaiheid van het graf of de urn. Met of zonder kruid, het blijft de eenzaamste beslissing waar een mens ooit voor komt te staan.  Die boodschap kwam ook in deze versie nog steeds gelukkig luid en duidelijk door.
  
Inhaalvoorstelling op tekst van Sophie Kassies – Dood en Zo- door Noord Nederlands Toneel en Het Station (Jan Jaap van der Wal), regie Hendrik Aerts. Gezien door Jaap Pleij op dinsdag 9 januari in De kring. 

FOTO REYER BOXEM