Dinsdag 8 augustus 2017

HORECA HEEFT TE WEINIG OOG VOOR GOEDE TOILETFACILITEITEN

Wat zou je doen? Deze vraag hebben Marco Borsato en de Zeeuwse groep BLOF pakkend en dwingend verwerkt in een songtekst. In een van de bijlagen van De Volkskrant staat eens in de twee weken een grappige rubriek met het vrijwel gelijkluidende ‘Wat zou u doen?’  Lezers kunnen ‘bij problemen en dilemma’s’ andere lezers om raad vragen. Die mogen hun welgemeend advies hooguit in 110 woorden kenbaar maken, wat De Volkskrant in staat stelt om meerdere reacties te plaatsen, waar de ‘radeloze hulpzoeker’  dan zijn of haar keuze uit kan maken. Zo luidde de vraag van afgelopen zaterdag (5 augustus) of je buren ja dan nee mag aanspreken wanneer zij seks hebben voor het raam. Een vorm van gymnastiek die de overburen van de bewuste lezer zonder het sluiten van de gordijnen in de slaapkamer plachten te beoefenen.
Zoals te verwachten viel, liepen de reacties nogal uiteen. `’ Opzichtig voor het raam gaan kijken’, ‘Ga naar ze toe en vertel ‘open en bloot’ (voelt u hem?) hoe hun seksleven uw leven ongewenst beïnvloedt’, ‘Koop een plisségordijn (dus zelf kosten maken) dat van boven en onder dicht kan worden gedaan’, ‘Vraag de politie om advies’ en ‘Een luchtig briefje in de bus met een dringend verzoek om het doek neer te halen voor de voorstelling begint’, zijn zo de door ‘het volk’ aangedragen adviezen die in de ogen van De Volkskrant publiciteitswaardig waren. Ik voelde me het meest aangesproken door de laatste suggestie. Ik zou op het briefje echter hebben geschreven ‘Jammer dat ik de laatste voorstelling niet in zijn geheel heb kunnen zien. Zou u voortaan via bij voorbeeld de Buurt-WhatsApp of desnoods een briefje op het prikbord van de buurtsuper de aanvangstijd kunnen vermelden, zodat ik het gebodene van de eerste- tot de laatste seconde met de camera kan vastleggen, want het is nu al een enorme hit op mijn facebookpagina’, getekend ‘Teleurgesteld Anoniempje’. 
Onder de reacties is de opgave voor de volgende rubriek te lezen, dus in dit geval voor de bijlage van zaterdag 19 augustus. Ik verbaasde mij ten zeerste over de inzendtermijn. Het antwoord moest reeds voor maandag 7 augustus door gemaild zijn. Ik vraag me dan af of de redactie van De Volkskrant wel beseft hoe de zaterdageditie doorgaans gelezen wordt. Bijlagen worden door menig abonnee als leesvoer voor de rest van de week bewaard. En waarom die haast? Indien de reacties zeven dagen voor publicatie binnen zijn, dan moet dat de redactie toch nog ruim voldoende tijd geven om deze te verwerken. Nu mist redacteur Machteld van Gelder heel wat antwoorden, waaronder ongetwijfeld een groot aantal die hout snijden.  Aandachtspuntje dus voor hoofdredacteur Philippe Remarque, ware het niet dat hij net als zoveel collega’s in deze functie zich te verheven acht om mailtjes van ‘gewone’ lezers te beantwoorden.
De vraag die aan de orde is, luidt: Kan ik een klant verbieden extreem lang op de WC te zitten?  Deze inzender, die zich presenteert als ‘werkzaam in een koffiebar’, moet steeds lijdzaam toezien hoe een van zijn vaste gasten zich bij elk bezoek minstens veertig minuten terugtrekt op het kleine kamertje.  ‘Vaak komt hij daarna bezweet en riekend terug’, voegt de geplaagde horecawerker er veelbetekenend aan toe.  Uiteraard regent het klachten van andere gasten die zich storen aan de geur die de man bij zich draagt en ‘in deze periode kunnen ze natuurlijk geen gebruik maken van het toilet’. ‘Kunnen wij daar iets van zeggen en in hoeverre weegt de relatief kortdurende overlast op tegen de privacy van de klant?’, aldus de prangende slotvraag. Het logische antwoord luidt uiteraard: Natuurlijk kunt u daar iets van zeggen. Als gastheer bepaalt u de regels met de daaraan gekoppelde normen en waarden. Bovendien houdt ieders persoonlijke vrijheid en dus ook privacy op waar het die van een ander aantast. Overigens verbaast het me dat inzender zijn vraagstelling ontkracht door te reppen over ‘relatief kortdurende overlast’. Veertig minuten voor een toiletstop is niet bepaald kattenpis. Ik heb theatervoorstellingen bijgewoond die minder tijd in beslag namen. Ik ben er al een tijd niet geweest, maar in de toiletten op het Haagse NS-station Holland Spoor hing een bordje met het opschrift ‘Toiletgebruik maximaal 15 minuten’. En wee je gebeente als je het waagde die termijn te overschrijden. Ik ben er een keer getuige van geweest hoe een potige bewaakster er niet voor terug deinsde om eigenhandig een zwaarlijvige drugsgebruiker letterlijk van de pot af te rukken.
Onbedoeld wordt in deze vraag echter een probleem aangesneden waar veel horecabedrijven te weinig oog voor hebben. De toiletvoorzieningen in dit soort ondernemingen zijn niet zelden fors onder de maat. Ik maak uit dit schrijven op dat in deze koffiebar slechts een toilet in bedrijf is waar de gasten gebruik van mogen maken. Dat is op zijn zachts gesteld niet erg comfortabel. Je zult als toiletgebruiker met een ongemakkelijke stoelgang maar telkens de ongeduldige klop op de deur moeten aanhoren van medegasten die graag of zelfs dringend willen zijn waar jij op dat moment vertoeft. En het ongemak is voor het op klappen staande lijdend voorwerp niet bepaald minder. De oplossing schuilt dus hierin: Zorg als horecaondernemer voor schone toiletten met meerdere kamertjes, die bij voorkeur geheel afgesloten zijn van de naburige ruimtes. Dat geeft in alle opzichten wat rust in de tent. Toiletten met een opening van boven en onder, wat in veel bioscopen gebruikelijk is, dragen ook niet bij aan een gerieflijk toiletbezoek. In het geval van deze horecawerker in een koffiebar met veel vaste gasten zou ik adviseren:  nodig de overlastgever eerst uit voor een goed gesprek onder vier ogen en vertel hem ronduit dat zijn gedrag in meerdere opzichten ongepast is. Blijkt de man inderdaad met een heel moeilijke stoelgang te kampen, spreek dan met hem (en de overige gasten) af dat hij een speciaal kamertje krijgt toegewezen waarop hij zich ongehinderd en zonder enige tijdsdruk kan terugtrekken als zijn benedenwaartse fysiek daar aanleiding toe geeft. Het moet wel vreemd lopen als er dan nog sprake is van scheve ogen. Waarschijnlijker is dat beide partijen het gesprek onder vier ogen op een prettige wijze afronden en afsluiten met een glas en een plas. Helaas is het me niet gelukt om deze uitgebreide reactie voor maandag 7 augustus naar wzud@volkskrant.nl te mailen. Sorry daarvoor Machteld, maar om te antwoorden in maximaal 110 woorden is mij doorgaans toch niet gegeven. Toch mail ik je bovenstaande even toe, onder dankzegging dat je onbewust een bijdrage hebt geleverd aan mijn komende boek ‘Pleijster Op de Wonde’. Klein adviesje voor jou, Machteld: ga toch eens praten met ‘baas’ Philippe Remarque, want die inzendtermijn is natuurlijk volstrekt ontoereikend.