Donderdag 3 augustus 2017

HANDDOEK TENNISSER TE VIES OM AAN TE PAKKEN

Het leek in de finale van Roland Garros wel een stilzwijgende afspraak. Rafael Nadal gooide zijn handdoek achteloos in de lucht en altijd stond er wel een ballenjongen of meisje paraat om het bacterierijke geval op te vangen. Zodra de tennisvedette zijn doek weer terug wilde, volstond een korte knik om de desbetreffende ballenraper tot actie aan te zetten. De vraag is natuurlijk of dat eigenlijk wel tot het takenpakket van de aangevers behoort. Een leuk onderwerp om een balletje over op te werpen bij de hoofdscheidsrechter tijdens het jaarlijkse Plus-toernooi op de banen van TV Roosendaal aan de Pres. Kennedylaan.

‘Absoluut niet’, zegt deze resoluut. ‘In de loop der jaren zijn de tennisprofs door de organisaties van de grote toernooien steeds meer in de watten gelegd. Daardoor is ook het officieuze takenpakket van de ballenjongens steeds verder uitgebreid. Zo zorgen ze ook voor het natje en droogje tijdens de rustpauzes. Het staat me niet voor de geest wie ooit met het werpen der handdoek begonnen is. Het zou me niet verbazen indien dat Nadal was, aangezien hij hier een heel ritueel van heeft gemaakt. Van mij mag het in ieder geval met onmiddellijke ingang afgeschaft worden. Laten we eerlijk zijn, het is een vrij onhygiënische, zeg maar smerige bedoening. Die tennisser veegt met die handdoek niet alleen het zweet van zijn hoofd en armen. Hij gebruikt het ook nog eens als zakdoek. En dat moeten die ballenjongens en ballenmeisjes dan maar steeds opvangen. Ik krijg ook niet de indruk dat de tennissers die doeken regelmatig verschonen tijdens de wedstrijd. Volgens mij staan de jongens en meisjes volledig in hun recht als ze weigeren die handdoeken aan te reiken en op te vangen. Maar ja, dan is de kans groot dat ze verder niet meer in actie komen. De organisaties doen er immers alles aan om de spelers niet tegen hun haren in te strijken. Waarschijnlijk vinden die meisjes en jongens dat zelf helemaal geen probleem. Op die manier kunnen ze de spelers wel heel dicht naderen en bij die grote toernooien komen ze dan ook nog eens frequent in beeld. Ze vinden het natuurlijk prachtig om op die manier indruk te maken bij hun vriendjes, vriendinnetjes en familieleden’.  Tijdens de Open Plus deed zich bij twee partijen van een der favorieten ook een noviteitje voor. Tot twee keer toe stapte de favoriet na de felicitaties van zijn tegenstander in ontvangst te hebben genomen quasi achteloos van de baan. Terwijl de ‘verliezer’ keurig zijn morele plicht deed door de gravelbaan (althans zijn helft) keurig aan te vegen, keek het publiek met gefronste blik toe. De eerste keer nam een vrouw met helblonde haren gestoken in een shirt van de sponsor schouderophalend die taak op zich, waarbij de woordjes ‘Dan zal ik het maar doen!’ aan haar rode lipjes ontsnapten.  De volgende dag voelde niemand zich geroepen om in dat gat te springen.  ‘Kennelijk heeft alleen de verliezer veegcorvee’, schamperde een enigszins verbouwereerde toeschouwer. Die vraag in een moeite door ook maar aan de hoofdscheidsrechter voorgelegd.  ‘Dat is iets waar de wedstrijdleiding zich absoluut niet mee bemoeit. De toernooiorganisatie zou de speler in kwestie daarop kunnen aanspreken. Ik denk echter dat er bij de speler sprake was van verwarring. Er zijn namelijk diverse van dit soort toernooien waar de groundsmen het vegen standaard voor hun rekening nemen. Wellicht is het verstandig om daar uniformiteit in aan te brengen om dit soort misverstanden te voorkomen. Overigens zijn de gravelbanen tegenwoordig van een dermate hoge kwaliteit dat het ook niet nodig is ze na elke partij te vegen. Het is meer voor de vorm en het getuigt ook van respect voor degenen die daarna op de baan staan’.  Later zou de speler in kwestie als verklaring hebben gegeven dat hij op dat moment in ontzettende tijdnood zat wegens verplichtingen elders. Overigens stapten vrijdagochtend ook twee speelsters van de baan zonder het veeggevaarte een blik waardig te gunnen. De toernooiorganisatie had deze ochtend ook goed nieuws te melden. Hoofdsponsor Super Plus heeft het contract met drie jaar verlengd. Sinds vorig jaar is het prijzengeld voor de heren en dames gelijkgetrokken. Dat betekent dat de winnaar en de winnares zondag na de finales met een symbolische cheque ter waarde van ruim 1200 euro van de baan stappen. ‘Een extra wedstrijd na afloop van de singlefinales tussen de twee zegevierende finalisten, zou dat geen leuke noviteit zijn?’, aldus als suggestie voorgelegd aan de toernooidirecteur. Die ziet dat vooralsnog mede gezien het drukke wedstrijdschema op de slotdag nog niet zitten. Later op het terras ging de discussie over gender-neutraliteit. Het is dus wellicht denkbaar dat het in de naaste toekomst vanwege voortschrijdende inzichten en dito wetgeving helemaal niet meer is toegestaan om aparte wedstrijden voor mannen en vrouwen te organiseren. Dat biedt nogal wat perspectieven. Zie voor een nadere uiteenzetting mijn eerdere column onder de noemer ‘breukvlak sportgeschiedenis’.