Zondag 9 december 2018

RGK NEEMT AFSCHEID VAN BEMINNELIJKE DIRIGENT

Na tien jaar op de ‘bok’te hebben gestaan bij het Roosendaals Gemengd Koor achtte dirigent Rik Ghesquiere de tijd rijp om zijn vleugels nog wereldwijder naar een hoger plan uit te slaan. Het RGK liet de beminnelijke dirigent uiteraard niet met stille trom vertrekken. In een goed gevulde grote zaal van De Kring werd hij zondagmiddag op passende wijze uitgezwaaid. In het 750-jarig bestaan van onze geliefde stad heeft Ghesquiere zich het aflopen decennium nadrukkelijk doen gelden, en zodoende werd in dit concert teruggekeken op diverse hoogtepunten die het koor met deze dirigent heeft beleefd, en dat bondig samengevat in een programma van ruim een uur.  Gelukkig werd het publiek nadat de rode rozen waren uitgedeeld niet de regenachtige winterkou in gestuurd, maar was er na de pauze nog een geheel anders ingevuld gedeelte te beleven, een sfeervolle vertelling met vioolmuziek over ‘Svenja, het meisje met de viool’.
Voorzitter Pascal Mortiers van het RGK praatte het programma ingetogen aan elkaar, en memoreerde nog even hoe de kennismaking tussen koor en dirigent destijds in 2009 is verlopen.  Dat vorig jubileumjaar staat mij ook nog goed voor de geest. Roosendaal vierde toen ‘Tweehonderd Jaar Stadsrechten’ en het absolute hoogtepunt van de activiteiten toen was het grote Lodewijkspektakel in de St. Jan. Onze eerste koning, Lodewijk Napoleon, stond in 1809 tijdens zijn kennismakingstournee door Nederland onder grote druk van zijn machtige broer en keizer Bonaparte en kon als niet soeverein vorst dus wel wat steun gebruiken. Mede om die reden strooide hij kwistig met ‘stadsrechten’ en bij zijn bezoek aan Roosendaal gaf hij de protestanten ook nog eens tienduizend florijnen cadeau om de bouw van het kerkje aan de Bloemenmarkt deels te bekostigen. Op die manier werd het mogelijk om de St. Jan geheel aan de katholieken te gunnen, waarmee het gevaar van een hernieuwde opvoering van de Hoeksche- en Kabeljauwse twisten was afgewend.  Rik drukte toen als muzikaal leider van het Roosendaals Symfonie Orkest een geheel eigen stempel op het concert ter ere van de enige koning ooit in Nederland die kwam om te geven en niet om te nemen, zoals zijn latere Oranje-opvolgers.  Niet veel later verbond Rik zijn naam aan die van het RGK, waarmee hij zoals gezegd opnieuw vele successen oogstte.
Reeds bij het tweede programma-onderdeel droeg Rik het directiestokje over aan zijn opvolger, de eveneens uit Vlaanderen afkomstige Michael Mannes. Gezien zijn  jeugdige leeftijd is dit een dirigent waar het koor nog lang plezier van kan beleven.  Zijn zo juist teruggetreden voorganger had nu zijn handen vrij om zijn creativiteit op de trompet te etaleren, wat hij wederom met verve deed.  Mannes loodste het RGK onder meer behoedzaam langs de vele klippen die de ‘Carmina Burana’ van Carl Orff herbergt.  In mijn verslag van het RGK-concert van 2017 (waarin deze compositie tweehonderd man en vrouw sterk werd uitgevoerd) beschreef ik dat meesterwerk als volgt:   
Carmina Burana (liederen uit Beuren) is de verzamelnaam voor de grootste en beroemdste verzameling middeleeuwse teksten die tot de zogenaamde vagantenliteratuur behoren, de verzamelnaam voor de wereldlijke lyriek, die in de Middeleeuwen, met name in de 12e en begin 13e eeuw, door rondtrekkende studenten en geestelijken werd geschreven, deels in het Latijn, deels in de landstaal. De voornaamste thema's zijn: het ontluiken van de natuur in de lente, heftige kritiek op kerkelijke en wereldlijke overheid en verheerlijking van het ongebonden leven vol aardse geneugten als drank, dobbelspel en liefde. Vaganten of vagebonden (zwervers) was tevens de benaming voor geestelijken, studenten en afgestudeerden die in de Middeleeuwen rondtrokken, hetzij uit eigen wil, hetzij door de omstandigheden gedwongen. Na beëindiging van hun studie konden zij vaak geen kerkelijk ambt - veelal het doel van de studie - verkrijgen, omdat door de grote toeloop van studenten het aanbod de vraag overtrof. Dat probleem is dus niet alleen van deze tijd. Er bleef deze ronddolende zielen vaak weinig anders over dan hun kennis aan te wenden om in hun levensonderhoud te voorzien, bij voorbeeld door het schrijven van gedichten. Ook waren er bij die na hun losse studententijd zich niet meer in de kerkelijke tucht konden schikken en voor het ongebonden zwerversleven kozen. De grootste bloei beleefde het vagantendom in de 12e eeuw, ongeveer tegelijk met die van de kloosterscholen en de opkomst van de universiteiten. In die tijd waren de vaganten geëerde en gezochte dichters, die als gevolg van hun kerkelijke wijding(en) onder de kerkelijke (veel soepelere) rechtspraak vielen. Toen ze, omstreeks 1300, niet meer op de bescherming van de Kerk konden rekenen, verwerden zij al gauw tot gewone zwervers en landlopers. De vagantenpoëzie is over het algemeen anoniem. Ook van de gedichten van de Carmina Burana zijn slechts enkele auteurs bekend, zoals Gautier de Châtillon, Archipoeta en Pierre de Blois. De meeste gedichten zijn in het Latijn geschreven, maar er zijn er ook een vijftigtal in het Middelhoogduits en wat fragmenten in het Oudprovençaals. Een steeds terugkerend thema in de Carmina Burana is de heftige kritiek op het bandeloze leven van de gevestigde clerus, met name de monniken. De kerkelijke instellingen en gebruiken worden geparodieerd, maar de dogma's worden nergens direct aangevallen. De Carmina Burana van Orff is een onderdeel van een trilogie. De andere delen zijn ‘Catulli Carmina’ en ‘Trionfo di Afrodite’.
Omdat er bij dit concert geen programmaboekje werd verstrekt, weet ik niet of deze stukken ook voor deze middag geprogrammeerd stonden. Fraai was het in ieder geval wel. In zijn afscheidsrede stond Rik nog even stil bij het optreden van Omonia met als solist Liesbeth List, de inmiddels gepensioneerde zangeres, waar ‘zijn’ orkest ook bij betrokken was. ‘Mijn overleden moeder  was altijd een groot liefhebber van het werk van Liesbeth List.  Als ze het had mogen beleven om haar zoon met deze grootheid op één podium te zien, was ze ongetwijfeld ongelooflijk trots geweest. Wat ik me met name van Liesbeth herinner is dat ze bij de eerste gezamenlijke repetitie zeer fragiel en kwetsbaar oogde, en zich geheel liet leiden door mijn aanwijzingen. Zowel op als achter het podium was ze de bescheidenheid zelve. Maar tijdens het concert verraste ze me opnieuw. Nu was er van een fragiele dame geen sprake meer. Prachtig gekleed en opgemaakt speelde ze nu zeer natuurgetrouw de grote diva, de rol die het publiek uiteraard ten allen tijde van haar verwachtte.
Een klein glimlachje van tevredenheid kon  ik bij deze mooie woorden niet onderdrukken. In mijn radioprogramma ‘Spotlight’ op Radio Stad FM (helaas opgegaan in Zuidwest-TV) liet ik Liesbeth tijdens een rechtstreeks telefonisch interview een opname horen van Omonia, en ze was meteen verkocht. ‘Ik sta perplex. Wie zijn die mensen. Hoe kan ik met ze in contact komen?’, toeterde ze vol (niet gespeeld) enthousiasme in mijn oren.  Niet veel later wist ik beide partijen met elkaar in contact te brengen en ik prijs me gelukkig dat dit langdurig tot zeer boeiende gezamenlijke concerten heeft mogen leiden. Bij een van de herdenkingsconcerten op 4 mei in de St. Josephkerk was zelfs Ramses Shaffy aanwezig als speciale gast, een van de laatste keren bovendien dat hij in het openbaar was te zien. Horen niet, Ramses beperkte zich in de St. Josephkerk tot de rol van toeschouwer. Wel onderhield hij zich onder het genot van een goed glas rode wijn met talloze belangstellenden. 
‘We zullen hem niet vergeten’. Met deze laatste woorden aan zijn adres en de reeds genoemde rode rozen nam Pascal Mortiers in het openbaar afscheid van Rik. Bloemen waren er natuurlijk ook voor opvolger Michael Mannes en de repetitor.
Na een goed glas witte wijn in de pauze zette ik mij wederom neder (nu op de eerste rij) om het muzikale verhaal ‘Svenja, het meisje met de viool’ goed op mij te laten inwerken.  Vier professionals uit verschillende vakgebieden hebben voor deze gelegenheid hun schouders gezet onder dit door Diane Broeckhoven ontwikkelde project. Svenja van Driessche, een beloftevolle jonge, superslanke violiste die zich voorbereidt op de Koningin Elisabethwedstrijd 2019, gaf op glanzende wijze gestalte aan het opbloeiende meisje met de viool.
Acteur Kurt Defrancq kroop in de huid van de vioolleraar Maurits. Rik smeedde de fragmenten uit het leven van Svenja aan elkaar met muziekfragmenten van onder anderen Mozart, Van Beethoven, De Sarasate, Brahms en Ravel, ook dirigeerde hij het professionele ORFEO Kamerorkest.
Het verhaal in het kort: Samen met haar ouders en broer is Svenja hun vaderland-in-oorlog ontvlucht. In plaats van een koffer draagt ze haar lege vioolkist met zich mee. Er zitten wat kleren en een popje in de kist, maar geen viool. Die is door soldaten in brand gestoken. Als het gezin ten langen leste weer een huis bewoont, hoort Svenja op een avond door de muren van haar kamertje hemelse muziek. Het is buurman Maurits, een oude vioolleraar. Hij is graag bereid haar docent te worden.  Het vuur voor de muziek dat bij hem begint te doven, geeft hij net op tijd door aan het meisje. Met ruim een uur op de teller boeide deze vertelling van de eerste- tot de laatste seconde. Al met al een (w)aardig afscheid van een beminnelijk mens en muzikant en een boeiende kennismaking met een dirigent en violiste die we graag terug zien in de Kring.


Roosendaals Gemengd Koor – Afscheidsconcert voor dirigent Rik Ghesquiere (voor de pauze) en ‘Svenja, het meisje met de viool’ (tweede gedeelte). Gezien door Jaap Pleij op 9 december in de grote zaal van De Kring.