Vrijdag 5 oktober 2018

GUN REPUBLIKEINEN WEERWOORD IN MAX MAGAZINE

Naar aanleiding van Prinsjesdag stelde ik in een column het gebrek aan kritisch denkvermogen van de media, waaronder Max Magazine,  aan de kaak waar het de Oranjes betreft, vergezeld van een uitnodiging aan het adres van hoofdredacteur Peter Contant om deze uiteenzetting zonder enige financiële tegenprestatie te plaatsen. Een reactie bleef uit, plaatsing eveneens. Wat mij gezien eerdere ervaringen met Max Magazine ook niet verbaasde. Tot mijn verrassing besteedt Contant in nummer 40 toch aandacht aan dit ‘pleijdooi’, waarbij hij zich echter wel van een vreemde invalshoek bedient. Ik word in zijn persoonlijk statement aangeduid als ‘een van onze abonnees’, wat niet alleen uitermate schofferend is, maar ook nog eens strijdig met de journalistieke basisregels. Het ging hier overduidelijk om een column en een kenmerk van een column is dat het een persoonlijke visie van de auteur op een actueel thema betreft. Het geeft dan ook geen pas zijn naam zomaar weg te laten en zijn stukje proza op deze manier te behandelen.
In de intro van zijn rubriek ‘Max te Koningsgezind?’ plukt Contant slechts een paar elementen uit mijn column, om de rest van zijn rubriek te gebruiken voor een uiteenzetting van het eenzijdig koningsgezind gekleurde standpunt van Max Magazine. In een bindend referendum, waarbij de bevolking zich voor het eerst in de 203 jaar oude geschiedenis van het Koninkrijk mag uitspreken over de handhaving van de monarchie, ziet hij niets. ‘Uit het grote jaarlijkse NOS-onderzoek blijkt dat koning Willem-Alexander en koningin Maxima elk jaar een hogere waardering krijgen van het volk. Zegt dat niet genoeg?, sluit hij zijn pleidooi op demagogische wijze af. Nee, beste meneer Contant. Dat zegt niet genoeg. Sterker nog. Dat zegt helemaal niets. Een NOS-onderzoek is niet synoniem voor de wil van het volk. Ik ben bij voorbeeld nooit geraadpleegd voor zo’n onderzoek. U ook niet, neem ik aan. Aan een bindend referendum hoort een uitgebreide verkiezings- en voorlichtingscampagne vooraf te gaan. Dat is een goed democratisch gebruik. De republikeinen kunnen een eventueel referendum met vertrouwen tegemoet zien. Ze hoeven slechts het vernietigende, historische  betoog van Arjan Lubach van een aantal seizoenen terug uit ‘Zondag met Lubach’ nog eens af te stoffen en in de campagne duidelijk in de spotlights te zetten. Geen weldenkend mens zal dan nog een ja-stem geven aan dat verdorven en volkomen achterhaalde systeem, waar Thorbecke gezien de escapades van Koning Willem III ook al snel na invoering geheel van was genezen was. Zijn pleidooi voor een terugkeer naar de republiek is echter altijd angstvallig verborgen gehouden. Grondwettelijk had Willem I zijn rechten voor zover hij daar ooit over had beschikt als staatshoofd al lang verspeeld, toen hij in 1813 opgehitst door een drietal Haagse notabelen besloot naar Nederland terug te keren. Evengoed was hij na de ‘landing’ gearresteerd door Franse troepen en hadden we van de Oranjes nooit meer iets vernomen. Op het balkon van het Johan de Witthuis in Den Haag kreeg hij echter de gelegenheid om uit te roepen ‘Ik ben de souverein van Nederland’ en omdat niemand hem tegensprak is dat maar zo gebleven. Van Willem-Alexander staat niet eens vast dat hij een bloedverwant is van Willem I, en dat maakt zijn koningschap bij voorbaat al dubieus. Van al deze argumenten is geen woord terug te vinden in ‘Max te Koningsgezind?’
Ik roep Contant dan ook graag nogmaals op onderstaande column in aangevulde vorm in zijn geheel te plaatsen, net als deze reactie, en voortaan structureel ruimte te geven aan een republikeins weerwoord op al die door Marc van der Linden gebezigde koningsgezinde onzin in Max Magazine. De lezers van dit verder zeer lezenswaardige magazine hebben immers het recht om te weten wat hen in eerste instantie onthouden is. Overbodig om te melden dat ik die column graag voor mijn rekening zal nemen. Maar dat hem wel niet gaan worden, nietwaar meneer Contant.                       

Grondwet van de Republiek Nederland
In MaxMagazine van deze week mogen Astrid Kersseboom, Marc van der Linden en Jeroen Snel hun licht laten schijnen over de toekomst van onze monarchie. Auteur Louis Bovée duidt het drietal aan als royaltywatchers. Lakei of knipmes zou een betere omschrijving zijn geweest, want het drietal geeft  heel zacht uitgedrukt niet bepaald blijk van kritisch oranje-denkvermogen. Maar ja, in welk medium, ‘Zondag met Lubach’ uitgezonderd, is dat tegenwoordig wel het geval?   
In het bij-artikel ‘Monarchie of Republiek’ maakt Marc van der Linden bovendien weer eens een klassieke denkfout. Hij denkt dat zelfs wanneer het koningshuis fouten gaat maken (wat al lang met enige regelmaat gebeurt) de mensen uiteindelijk voor de monarchie zullen kiezen, want zo stelt hij in een wanstaltige zin: Omdat een staatshoofd dat er dertig jaar zit meer rust en stabiliteit geeft aan een land in plaats van elke vier jaar presidentsverkiezingen. Daarmee raakt hij wel aan de kern van de zaak. De Nederlandse bevolking wordt systematisch het democratische recht onthouden om zich uit te spreken over de monarchie. Stel dat de bevolking in een ongekend collectief moment van helder denken besluit dat Willem-Alexander maar eens op zoek moet naar een echte baan, dan hoeft dat helemaal niet automatisch te betekenen dat Nederland overschakelt op een presidentieel systeem. Het is bij voorbeeld heel goed denkbaar dat de premier tevens de status van staatshoofd krijgt. Dat zou Mark Rutte’s positie in het buitenland alleen maar versterken. Ik raad Van der Linden aan om het boek ‘Grondwet van de Republiek Nederland’ eens te lezen. Vijf gerenommeerde auteurs bieden in dit verhelderende boekwerk drie modellen aan voor een toekomstige Nederlandse Republiek. Het Zwitserse systeem met een roulerend staatshoofd zou in Nederland ook goed toepasbaar zijn. Dat levert meer stabiliteit op dan een koning die in feite geen enkel nut dient. Zeker nu het parlement zelf de regie voert bij het formeren van een kabinet. Overigens kun je nog steeds vraagtekens plaatsen bij de rechtmatigheid van het koningschap van Willem-Alexander.  De Grondwet schrijft voor dat alleen bloedverwanten van koning Willem I voor deze positie in aanmerking komen. Een DNA-test die dit onomstotelijk kan uitwijzen, wordt net als zijn moeder voor hem door Willem-Alexander hardnekkig geweigerd. Dat moet toch ernstig te denken geven!  Zie ook mijn toneelstuk ‘Koning Willem III En het verborgen kistje van kroonprins Alexander’, waarin wordt beargumenteerd dat Willem III nooit de biologische vader van de in 1880 geboren Wilhelmina geweest kan zijn. Grofweg gesteld: we worden dus al 138 jaar belazerd.