Vrijdag 20 juli

JAN KOEVOET VOELT GEHOOR IN HUIZE ELISABETH PERFECT AAN

Onder toeziend oog van de Goedheiligman stonden Jan Koevoet en zijn zangpartner Petra van Zundert in december 2016 voor het laatst in Huize Elisabeth. Op deze hete donderdagmiddag in juli zal Ma voor de eerste keer getuige zijn van een optreden van dit sympathieke duo. Even na de klok van twee uur was er wat ongewoon menselijk verkeer in de hal naast Laantjes 1. Petra was druk met de geluidsboxen in de weer die ze heel behendig op een karretje wist te laden, Met gezwinde spoed werd het geheel op transport gezet naar zaal ’t Trefpunt waar de eerste belangstellenden zich reeds hadden gemeld. Zeer relaxed begon Jan na aankomst het zaakje in elkaar te zetten. Tussen de voorbereidingsbedrijven door nam hij alle tijd voor een babbeltje.
Al gauw ging het gesprek over de show die Jan nu al weer ruim tien jaar geleden op eigen kosten en voor eigen risico had georganiseerd in de grote zaal van De Kring. Wat mij van dat concert met name is bijgebleven, is de geweldige accordeonsolo die Manfred Jongenelis tegen het eind tot groot enthousiasme van het publiek de zaal in slingerde. ‘Ik heb die hele avond in een roes beleefd. Zo’n grote, gevulde zaal vol mensen die speciaal voor jou zijn gekomen, geeft een enorme kick’. Een herhaling zit er op korte termijn niet in, maar sponsors die Jan een aha-erlebnis willen laten ondergaan, mogen zich uiteraard melden via jankoevoet@kpnmail.nl
Wel zijn Jan en Petra daar op zondag 23 december vanaf 14.30 uur te zien (en vooral te horen) met een show die vanwege de datum gedeeltelijk in teken zal staan van het kerstfeest. ‘Daar ontkom je uiteraard niet aan, maar het wordt geen echte kerstshow. Wel hebben we ons aangepast aan de omstandigheden en het publiek dat we daar verwachten te mogen begroeten. Als gasten ontvangen we in ieder geval enkele, jonge getalenteerde muzikanten met wie we mogelijk een aantal nummers samen zullen doen. We moeten het nog precies gaan invullen, maar het wordt ongetwijfeld heel erg leuk’, verzekerde Jan. Of Manfred Jongenelis daar ook bij zal zijn?, probeerde ik nog even. Het gezicht van Jan maakte een wikkend en wegende indruk.  ‘Aanpassen’ is zo ongeveer het centrale woord in de theaterfilosofie van het duo. ‘Vorige week traden we nog op tijdens de Nationale Jeugdronde in Roosendaal en gisteren probeerden we de deelnemers aan de Wandelvierdaagse in Nijmegen op te monteren. Bij elk evenement hoort een ander repertoire. We beschouwen het telkens als een uitdaging om zoveel mogelijk maatwerk te bieden. Deze middag brengen we voornamelijk oude liedjes ten gehore die deze bewoners ongetwijfeld nog kennen uit hun jeugd. Het is wat overdreven om te stellen dat het een therapeutische werking heeft, maar voor veel mensen is dit een nuttige geheugentraining. Het is opvallend om te zien hoeveel mensen die moeite hebben met het korte termijngeheugen zich nog heel veel herinneren van vroeger. Bij vrijwel elk liedje zien we een blik van herkenning op de gezichten’, doceerde de onderwijzer in Jan. 
Bijna half drie. Optredens in Huize St. Elisabeth beginnen stipt op tijd. Ik moet dus voortmaken om Ma op te halen. Tot mijn grote verbazing loopt ze steunend op haar rollator de zaal al in. ‘Ja, ze kwamen ons ophalen’, wijst ze verontschuldigend op enkele huisgenoten en de bijbehorende begeleidster. Alsof ze daar een speciaal instinct voor heeft ontwikkeld, loopt Ma, gekleed in de kleurige blouse die ik voor haar uit Rusland heb meegebracht,  direct door naar het tafeltje waar ze letterlijk eerste rij zit voor dit ongetwijfeld sprankelende optreden. Vrijwel onmiddellijk schenkt een ijverige vrijwilliger de koffiekopjes vol en dan mag ze zich ook nog eens verheugen in de volle aandacht van Jan die zich welwillend naast haar neer vlijdt.
Bied Ma een luisterend oor en onmiddellijk vertelt ze je haar halve levensgeschiedenis. Jan hoort het allemaal belangstellend aan, en belooft in de pauze nog even terug te komen voor het vervolg. Na een korte introductie gooit het duo alle remmen los met hun laatste single-cd ‘Jij bent zo mooi om van te houden’. Al snel gaan de eerste handjes de lucht in en het doet me deugd dat ook Ma zich niet onbetuigd laat. In haar enthousiasme lanceert ze ook de hand van de buurvrouw het luchtruim in. Het is een hele, hele lange tijd geleden dat ik haar zo zichtbaar heb zien genieten. Ik krijg er zowaar een brok van in de keel.
Jan vertelt zijn welwillende gehoor dat hij al 19 jaar als zanger actief is en in die tijd een enorm repertoire heeft opgebouwd. Verzoekjes worden met alle plezier ingewilligd. Maar eerst even een up-temp nummer. ‘De hele wereld mag het weten. Ik ben totaal van je bezeten’, klinkt het enthousiast door de luidsprekers. Om zo toe gezongen te worden door een mooie vrouw als Petra moet voor een zanger van mannelijke kunne al voldoende beloning zijn. Naast de waardering van het publiek is dit toch waar je het allemaal voor doet… Lijkt mij althans. Jan houdt van uitersten. Als de up-tempo klanken zijn verstomd, krijgt hij de mensen direct stil met een acapella uitvoering van ‘De glimlach van een kind’, eens het lijflied van Willy Alberti. Net als Benny Neyman lang geleden vraagt Jan zich af: ‘Waarom fluister ik je naam nog?’. Eveneens gezongen met begeleiding van de ‘heer Acapella’. ‘De Clown’ van Ben Cramer krijgt wel muzikale ondersteuning van de geluidsband. Leeftijd speelt geen enkele rol bij de liefde. Om die stelling aan de praktijk te toetsen, informeert Petra wie van de aanwezigen nog verliefd zijn. Enigszins schoorvoetend komen er wat positieve reacties los uit de zaal. Jan en Petra hebben aan een half liefdeswoord genoeg en haken lustig op dit niet mis te verstane signaal in.
‘Liefde hoeft niet altijd iets tussen mensen te zijn. Zo was ik zelf hoteldebotel van mijn eerste autootje, een authentiek Volkswagentje. Het is met auto’s echter net als met huisdieren. Je hebt ze niet voor het leven. Toen dat Volkswagentje noodgedwongen de deur uitging, heb ik toch wel de nodige traantjes moeten laten. Dat was wat je noemt mijn eerste grote liefde’, onthult Jan. De zanger troost zich bij deze nagedachtenis met het vooruitzicht dat ‘jij mij de laatste dans nog moet schenken’. Aan Jans dwingende blik te zien, is deze wens exclusief voor Ma bestemd. In haar meisjesjaren was dansen haar lust en leven, maar Jan ziet nu wel in dat dit nu iets te hoog voor haar gegrepen is. Jan maakt daar geen punt van. Petra is immers binnen handbereik. In de korte pauze die daarop volgt, moet Ma alle zeilen bijzetten om het vanille-aardbei-ijsje dat door diezelfde noestere vrijwilliger voor haar neus is gezet, te verschalken voordat het toetje is omgezet in een melkproduct. Ma staat of liever gezegd zit deze middag met een lach in het leven, een wijze raad die ze feilloos heeft opgepikt van het denkbeeldige podium. In het tweede gedeelte krijgt Huize Elisabeth zowaar een heuse primeur voorgeschoteld. Wat heet, twee zelfs. Petra brengt eerst haar solosingle ‘Ik wil jou’ ten gehore, waarbij haar blik is gericht op een uiterst charmante heer in de zaal. Ik vermoed dat Jan zich ook wel geraakt voelt door Petra’s bekentenis, want aansluitend laat hij ‘Als ik jou zie’ door de microfoon galmen.

Na het ijsje wacht de aanwezigen een muzikale uitsmijter van allure. Met een leuke medley, bestaande uit onder meer ‘Daar bij die Molen’ (niet duidelijk is of hier gedoeld werd op molen De Twee Gebroeders, iets verderop), ‘Ach vaderlief’, ‘Kleine Greetje uit de polder’ en ‘Heb je even voor mij?’, nemen Jan en Petra afscheid van het dankbare publiek. ‘Dank je wel dat jullie hier waren’, retourneert Jan deze publiekswaardering. Ma positioneert zich na het optreden zo dat ze vrijwel automatisch nog even na kan praten met het duo. ‘Heerlijk genoten’, meldt ze met een opgeruimd gezicht. Terug met de rolstoel, zoals vooraf gepland? Geen sprake van, stelt Ma. ‘Dat stukje terug loop ik wel met de rollator’. De rest van de middag en de dag daarna is ze nog helemaal vol van deze gezellige middag. Voor de eerste keer sinds haar komst in Huize Elisabeth wil ze weten of er voor volgende week donderdag weer zo’n leuk optreden staat gepland. Ik beloof het uit te zoeken. ‘Ik ga voor geen goud meer terug naar huis’, zegt ze onverwacht bij het afscheid. Over therapeutisch gesproken!