Maandag 14 augustus 2017

OPENLUCHTTHEATER NISPEN PUILT UIT BIJ DUBBELCONCERT

Het was te verwachten dat het gecombineerde concert van Accordeonvereniging Hoger Streven uit Essen en Chanteymen Roosendaal zondagmiddag mede gezien de fraaie zomer weer, veel belangstellenden zou trekken in het Openluchttheater Nispen. De opkomst overtrof echter coördinator Mariska Wagenmakers stoutste verwachtingen. Ze bleef samen met onder anderen Remco Willems onvermoeibaar met banken en stoelen slepen tot iedereen optimaal kon genieten van de muziek. Nog lang nadat Mariska in haar inleiding had verkondigd dat het publiek ook deze middag weer uit alle windstreken naar dit plekje onder de Nispense kerktoren was gekomen, bleven er bezoekers binnen druppelen.

De 72 jaar jonge accordeonvereniging uit de Vlaamse buurgemeente mocht het spits afbijten. Het repertoire bestond uit populaire melodieën waarvoor de handen grif op elkaar gingen en de knieën automatisch mee knikten. Bij George Bakers ‘Una Paloma Blanca’ was er zowaar sprake van solozang, in gebukte houding vertolkt door een man op de voorste bank. Niet duidelijk was of het hier om een spontane volkszang ging, of dat de man behoorde tot de gelederen van Hoger Streven. Hij deed de naam van de vereniging hiermee in ieder geval wel eer aan, daar was iedereen het wel over eens. Na de lange set die de accordeonvereniging voor haar rekening nam, was na een kwartiertje pauze de beurt aan de Chanteymen. Dirigente Jakobijn Wallis ‘bekende’ me op de hoogste trede van de tribune dat ze wel enigszins in spanning zat. Dat had niets te maken met de mentale gesteldheid van de zangers die ze onder haar hoede had genomen, verzekerde ze. ‘Nee, dat zijn allemaal schatten van kerels die altijd hun uiterste best doen. Het gaat hier om. We maken zo meteen gebruik van de nieuwe geluidsinstallatie die ondanks door dit theater is aangeschaft. Uiteraard twijfelen we niet aan de kwaliteit, maar het is wel een enigszins verrassende factor in het geheel’. Het gezelschap van deze klassiek geschoolde, charmante muzikale duizendpoot greep ik dankbaar aan om haar te wijzen op het lied ‘Green Fields of France’, en dan vooral in de bloedstollende uitvoering van de Ierse zanger Tommy Fleming, zoals deze op YouTube is terug te vinden.  Ze beloofde plechtig er naar te kijken. Wordt misschien dus vervolgd met een uitvoering van de Chanteymen! De investering in deze ‘Evenement Installatie Breed Inzetbaar’, zoals geluidsdeskundige Iman Dane verduidelijkte, is onlangs mogelijk gemaakt door een forse donatie. ‘In principe worden al dit soort bijdragen zo snel mogelijk aangewend ter vervolmaking van het openluchttheater. Wat je de artiesten zelf kunt bieden, hoef je immers niet meer (duur) in te huren’, aldus de nuchtere redenering van Mariska, waar geen speld tussen te krijgen is. De Chanteymen is enkele jaren geleden opgericht om het cultuurgoed van de oorspronkelijke werkliederen (Shanty’s) zoals deze vroeger op het (zeil)schepen werden gezongen levend te houden. De zorg van Jakobijn was al snel weggenomen. Nadat de met rode mutsen en kapiteinspetten uitgeruste ‘kerels’ de keel hadden geschraapt, werd het publiek op gepaste wijze deelgenoot gemaakt van de nukken van ‘The Drunken Sailor’. Het uit 17 liedjes bestaande zeemansrepertoire werd grif meegezongen, en tot genoegen van Mariska bleef vrijwel iedereen zitten tot de laatste klanken verstomd waren. Je begint je zo langzamerhand echt af te vragen hoe Nispen het zo lang zonder theatervoorziening heeft kunnen stellen, want bij vrijwel elke activiteit is het bingo. Mariska bij ‘het verlaten van de tent’ gevraagd naar de rest van het programma van dit tweede openluchtseizoen had een forse en zeer uiteenlopende uiteenzetting tot gevolg. Gelukkig zijn deze activiteiten met omschrijving terug te vinden op de website van het Openluchttheater Nispen, zodat iedereen de agenda daar naar gelieven helemaal op kan aanpassen. Er zitten ware juweeltjes tussen. Wees dus gewaarschuwd!

Dubbelconcert Accordeonvereniging Hoger Streven uit Essen, de Chanteymen uit Roosendaal. Gezien door Jaap Pleij op zondag 13 augustus in het Openluchttheater Nispen.


Vrijdag 11 augustus 2017

KRIJGT DE DRAAI EEN BAANBREKEND VERVOLG?

De Draai 2.0, de opvolger van dat eens zo vertrouwde wielercriterium ‘Draai van de Kaai’, schijnt bij het publiek goed in de smaak te zijn gevallen. De organisatie heeft een gedurfde keuze gemaakt en zag dat in dubbel opzicht met klinkende munt uitbetaald. Niet alleen kon De Draai aanzienlijk besparen op het deelnemersveld, maar ‘nu er eindelijk eens echt strijd wordt geleverd’ passeerden ook beduidend meer betalende bezoekers de poorten dan voorgaande jaren het geval was. ‘Het volk is tevreden, dus Caesar is tevreden’, schijnt de grote Romeinse veldheer die ‘kwam, zag en overwon’ eens gezegd te hebben toen het publiek wel zeer enthousiast reageerde op de nieuwe attracties die het Circus in Rome te bieden had.
Hoewel hij het zonder vechtende leeuwen, beren, tijgers en panters moest stellen, was de toegenomen strijdlust gedurende de wielerronde in de ogen van voorzitter Sander van Peer debet aan de opgelaaide Roosendaalse volksbeleving. Het ontbreken van de grote namen woog ruimschoots op tegen het ouderwetse koersen in de Kaaise straten. Nadeel is echter nog steeds dat de wedstrijd niet constant te volgen is. En daarom zou de organisatie mijn inziens toch eens moeten nadenken over een baanbrekend vervolg van De Draai. Op een steenworp afstand van het parcours staat het Herstaco Stadion er nu al zes jaar zieltogend bij. Weliswaar werkt RBC 2.0 hier zijn thuiswedstrijden af en loopt er zo af en toe een bezoeker binnen bij de Voetbal Experience, waar binnenkort ongetwijfeld naast het uit 1988 daterende magische kledingstuk van Marco van Basten de shirts van de Oranje-Leeuwinnen zijn te bewonderen, maar alles bij elkaar is dat natuurlijk wel een mager alternatief voor de BOV RBC van weleer. Roosendaal wil toch zo graag wielerstad nummer 1 worden, als je het plaatselijke VVV en sportwethouder Toine Theunis mag geloven. Het stadion biedt daartoe een uitgelezen kans. Zo moeilijk kan het toch niet zijn om een pertinente of verplaatsbare wielerbaan kort voor de tribunes te realiseren. Voor de Draai-organisatie is dat een uitgelezen mogelijkheid om het evenement van een wegwedstrijd om te zetten in een baanwedstrijd. De betrokkenheid, beleving en voldoening bij de toeschouwers zou met sprongen omhoog gaan wanneer ze het treffen van de eerste tot de laatste seconde kunnen volgen. Het aangrenzende parkeerterrein biedt alle ruimte voor het aanvullende vertier. Sterker nog, dat zou zelfs fors uitgebreid kunnen worden. Een afgegrensd gebied laat zich ook gemakkelijk afsluiten, en bijkomend voordeel is dat De Kaaibewoners die geen boodschap hebben aan het wielerspektakel nu niet een hele dag tegen hun zin ‘eingekreist’ zitten op het parcours. Wethouder Theunis kan zijn beleid dan ook letterlijk een gezicht geven, wat voor de gemeente een reden kan zijn om het project mede voor een fors deel te financieren. In een grijs verleden sloten de raadsleden Paul Klaver (PvdA) en John Hertogh (toen nog VVD) een verbond om een groot overdekt wielerplaza te realiseren. Die plannen zijn kennelijk snel van tafel gegaan, Roosendaal heeft er in ieder geval nooit meer iets van vernomen. Waarom nu eindelijk niet eens doorgepakt? De bezoekers kunnen zich tijdens De Draai 3.0 vrij bewegen tussen het parkeerterrein en de tribunes, voor de VIP’s zijn er in de Voetbal Experience voldoende ontvangstmogelijkheden en het is zelfs denkbaar om de bezoekers via een nog te graven tunnel toegang te geven tot het middenterrein, waarmee een sfeer wordt gecreerd die vergelijkbaar is met Ahoy Rotterdam gedurende de befaamde eveneens nieuw leven ingeblazen Zesdaagse. Het artiestenprogramma zou ook heel gemakkelijk op het centrale middenterrein een plek kunnen krijgen. Voorts kan deze koerswijziging voor wethouder Cees Lok een aansporing zijn om de kermis nu eindelijk in zijn geheel te verplaatsen naar het parkeerterrein van het Herstaco Stadion. Op de slotdag kan de Kermiskoers verreden worden in het stadion. Ideaal voor een familie-uitstapje. Terwijl de ouders zich vermaken bij de wedstrijd kunnen de kinderen zich verpozen op het kermisterrein. Het afgesloten karakter van het complex komt ook de veiligheid ten goede. Natuurlijk is er een lange gang te gaan, maar alles wat er in feite voor nodig is om deze voorziening die Roosendaal pas echt op de kaart zet te realiseren, is lef, visie, durf en vooral een goed financieel plan. Een leuke uitdaging voor wethouder Toine Theunis met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht.  


Donderdag 10 augustus 2017

OPENLUCHTTHEATER VROUWENHOF IN DE BAN VAN MAGIE

Een van de bekendste- en meest tot de verbeelding sprekende vertellingen van Duizend-En-Een-Nacht bijwonen op klaarlichte dag. Dat kon woensdagmiddag (9 augustus) in het Openluchttheater Vrouwenhof. Van die mogelijkheid werd dan ook dankbaar gebruik gemaakt door circa vierhonderd bezoekers, waaronder –uiteraard- een groot aantal jonge ‘believers’. Met dank aan de weergoden die de hemelse verschijning van Aladdin uiterst gunstig gezind waren. Groot was dan al het enthousiasme toen gastheer Cees van de Ven kort voor aanvang meldde dat het zwevend tapijt waarop deze adolescent zich placht te verplaatsen al gesignaleerd was boven het anders zo rustieke Vrouwenhof. 

Toen microfonist Cees ook nog mededeelde dat roken in welke vorm dan ook streng verboden is in het openluchttheater, zag ik hier en daar wat fronsende wenkbrauwen. Zoals bekend was  kleermakerszoon Aladin, zoals hij oorspronkelijk werd genoemd, toen de uit Afrika afkomstige geest in de fles in zijn tot dan toe saaie leventje kwam, woonachtig in de Arabische woestijn, in een gebied waar de waterpijp (een apparaat voor het roken van onder meer gearomatiseerde pijptabak) zo ongeveer het enige pleziertje was. Het was dus maar de vraag of de grote attractie zich wel aan dit verbod gehouden voelde. Cees van de Ven kon echter opgelucht adem halen. Zijn gezag werd niet onbedoeld aangetast. Het ging er in deze Aladdin Kindershow show (soms letterlijk) vurig aan toe, maar een waterpijp behoorde niet tot de ingrediënten waar deze wijze uit het (Midden)-Oosten zich van bediende.  Aladdin gebruikte andere middelen om de toeschouwersschare mee te voeren naar een geheel andere belevingswereld. Dat deed hij gelukkig zonder de helaas zo vaak gehanteerde pauze, wat natuurlijk direct een plus was. Uit de wel meegetroonde Wonderlamp toverde hij met behulp van enkele kinderen die hem lief aankeken – wat voor Aladdin een absolute voorwaarde was om naar voren geroepen te worden- achtereenvolgens een toverkist en een toverstok tevoorschijn. Met dat toverstokje kon hij de kinderen op overheerlijke maaltijden trakteren, met bij voorbeeld spruitjes en witlof als centrale gerechten. Die suggestie viel niet erg goed bij het jonge grut. Hier ligt dus nog een mooie opvoedkundige taak voor de toeziende ouders en de andere opvoeders. Even leek Aladdins toverkrachten tekort te schieten toen zijn microfoon plotseling uitviel, maar dankzij de goed op elkaar ingespeelde groene polobrigade was dat euvel snel verholpen. Na een lief jongetje enigszins te hebben ingevoerd in de wonderlijke wereld der magie liet Aladdin zijn oog vallen op een al even lief meisje dat zowaar ROOS bleek te heten. Als je uitgerekend in Roosendaal voor een meisje met deze naam kiest, moet je wel een hele grote zijn. ‘Uit die bloem groeit eens de mooiste roos’, zong Bonnie St. Claire al toen ze nog goed bij stem was. Na deze inleidende trucjes schakelde Aladdin over op het gedachtengoed van zijn inmiddels nog veel beroemdere collega Harry Potter, die zowaar 550 miljoen euro op de bankrekening van zijn geestelijk moeder J. K. Rowling wist te toveren. Zo succesvol is deze Aladdin nog niet, maar met zijn grote verdwijntruc (met een lege ketchupfles als lijdend voorwerp) is hij wel aardig op weg. Op dat moment vatte het grote toverboek even letterlijk vlam. ‘Dat overkomt Sinterklaas gelukkig nooit’, hoorde ik een van de mij omringende kinderen zachtjes tegen zijn begeleider zeggen. Dat Aladdin ook niet ongevoelig is voor de charmes van jonge, lieve volwassen vrouwen in het publiek bleek duidelijk toen hij zich door een zekere Cindy, een zwartharige ranke schoonheid, liet assisteren bij de truc van het zwevende tafeltje. Omdat hij op de weg terug naar de Efteling nog elders kinderen moest vermaken, rondde Aladdin de voorstelling na circa vijftig minuten magisch plezier af. De jonge bezoekers in het Openluchttheater Vrouwenhof mochten eerst nog wel even een kijkje achter het mystieke rode doek nemen en met de tovenaar op de foto gaan, maar alvorens definitief te vertrekken, gaf hij zijn jonge gehoor nog wel een aantal adviezen mee om zelf ook een succesvol magiër te kunnen worden. ‘Altijd luisteren naar papa en mama, elke keer netjes je bord leeg eten en altijd –mits van toepassing-  lief zijn tegen je broertje en/of zusje’. Of die educatief politiek correcte raad goed door kwam bij het kindervolkje zal de toekomst moeten uitwijzen, ze waren wel zichtbaar in hus sas met  de slotmededeling van Cees van de Ven dat hun toegangskaartjes aansluitend recht gaven op een gratis bezoek aan de speeltuin aan de overzijde.  Dat nieuws deed wonderen, want het openluchttheater liep daarna razendsnel leeg. Misschien moeten we maar eens gaan spreken van ‘Magische Cees’.  

Aladdin Kindershow – Gezien door Jaap Pleij op woensdag 9 augustus in het Openluchttheater Vrouwenhof. Op woensdag 16 augustus brengt Dirk Scheele hier zijn voorstelling ‘Op Vakantie met’. Een ideale manier om het (inmiddels voorbije?) vakantiegevoel nog even vast te houden en opnieuw te beleven.   


Dinsdag 8 augustus 2017

HORECA HEEFT TE WEINIG OOG VOOR GOEDE TOILETFACILITEITEN

Wat zou je doen? Deze vraag hebben Marco Borsato en de Zeeuwse groep BLOF pakkend en dwingend verwerkt in een songtekst. In een van de bijlagen van De Volkskrant staat eens in de twee weken een grappige rubriek met het vrijwel gelijkluidende ‘Wat zou u doen?’  Lezers kunnen ‘bij problemen en dilemma’s’ andere lezers om raad vragen. Die mogen hun welgemeend advies hooguit in 110 woorden kenbaar maken, wat De Volkskrant in staat stelt om meerdere reacties te plaatsen, waar de ‘radeloze hulpzoeker’  dan zijn of haar keuze uit kan maken. Zo luidde de vraag van afgelopen zaterdag (5 augustus) of je buren ja dan nee mag aanspreken wanneer zij seks hebben voor het raam. Een vorm van gymnastiek die de overburen van de bewuste lezer zonder het sluiten van de gordijnen in de slaapkamer plachten te beoefenen.
Zoals te verwachten viel, liepen de reacties nogal uiteen. `’ Opzichtig voor het raam gaan kijken’, ‘Ga naar ze toe en vertel ‘open en bloot’ (voelt u hem?) hoe hun seksleven uw leven ongewenst beïnvloedt’, ‘Koop een plisségordijn (dus zelf kosten maken) dat van boven en onder dicht kan worden gedaan’, ‘Vraag de politie om advies’ en ‘Een luchtig briefje in de bus met een dringend verzoek om het doek neer te halen voor de voorstelling begint’, zijn zo de door ‘het volk’ aangedragen adviezen die in de ogen van De Volkskrant publiciteitswaardig waren. Ik voelde me het meest aangesproken door de laatste suggestie. Ik zou op het briefje echter hebben geschreven ‘Jammer dat ik de laatste voorstelling niet in zijn geheel heb kunnen zien. Zou u voortaan via bij voorbeeld de Buurt-WhatsApp of desnoods een briefje op het prikbord van de buurtsuper de aanvangstijd kunnen vermelden, zodat ik het gebodene van de eerste- tot de laatste seconde met de camera kan vastleggen, want het is nu al een enorme hit op mijn facebookpagina’, getekend ‘Teleurgesteld Anoniempje’. 
Onder de reacties is de opgave voor de volgende rubriek te lezen, dus in dit geval voor de bijlage van zaterdag 19 augustus. Ik verbaasde mij ten zeerste over de inzendtermijn. Het antwoord moest reeds voor maandag 7 augustus door gemaild zijn. Ik vraag me dan af of de redactie van De Volkskrant wel beseft hoe de zaterdageditie doorgaans gelezen wordt. Bijlagen worden door menig abonnee als leesvoer voor de rest van de week bewaard. En waarom die haast? Indien de reacties zeven dagen voor publicatie binnen zijn, dan moet dat de redactie toch nog ruim voldoende tijd geven om deze te verwerken. Nu mist redacteur Machteld van Gelder heel wat antwoorden, waaronder ongetwijfeld een groot aantal die hout snijden.  Aandachtspuntje dus voor hoofdredacteur Philippe Remarque, ware het niet dat hij net als zoveel collega’s in deze functie zich te verheven acht om mailtjes van ‘gewone’ lezers te beantwoorden.
De vraag die aan de orde is, luidt: Kan ik een klant verbieden extreem lang op de WC te zitten?  Deze inzender, die zich presenteert als ‘werkzaam in een koffiebar’, moet steeds lijdzaam toezien hoe een van zijn vaste gasten zich bij elk bezoek minstens veertig minuten terugtrekt op het kleine kamertje.  ‘Vaak komt hij daarna bezweet en riekend terug’, voegt de geplaagde horecawerker er veelbetekenend aan toe.  Uiteraard regent het klachten van andere gasten die zich storen aan de geur die de man bij zich draagt en ‘in deze periode kunnen ze natuurlijk geen gebruik maken van het toilet’. ‘Kunnen wij daar iets van zeggen en in hoeverre weegt de relatief kortdurende overlast op tegen de privacy van de klant?’, aldus de prangende slotvraag. Het logische antwoord luidt uiteraard: Natuurlijk kunt u daar iets van zeggen. Als gastheer bepaalt u de regels met de daaraan gekoppelde normen en waarden. Bovendien houdt ieders persoonlijke vrijheid en dus ook privacy op waar het die van een ander aantast. Overigens verbaast het me dat inzender zijn vraagstelling ontkracht door te reppen over ‘relatief kortdurende overlast’. Veertig minuten voor een toiletstop is niet bepaald kattenpis. Ik heb theatervoorstellingen bijgewoond die minder tijd in beslag namen. Ik ben er al een tijd niet geweest, maar in de toiletten op het Haagse NS-station Holland Spoor hing een bordje met het opschrift ‘Toiletgebruik maximaal 15 minuten’. En wee je gebeente als je het waagde die termijn te overschrijden. Ik ben er een keer getuige van geweest hoe een potige bewaakster er niet voor terug deinsde om eigenhandig een zwaarlijvige drugsgebruiker letterlijk van de pot af te rukken.
Onbedoeld wordt in deze vraag echter een probleem aangesneden waar veel horecabedrijven te weinig oog voor hebben. De toiletvoorzieningen in dit soort ondernemingen zijn niet zelden fors onder de maat. Ik maak uit dit schrijven op dat in deze koffiebar slechts een toilet in bedrijf is waar de gasten gebruik van mogen maken. Dat is op zijn zachts gesteld niet erg comfortabel. Je zult als toiletgebruiker met een ongemakkelijke stoelgang maar telkens de ongeduldige klop op de deur moeten aanhoren van medegasten die graag of zelfs dringend willen zijn waar jij op dat moment vertoeft. En het ongemak is voor het op klappen staande lijdend voorwerp niet bepaald minder. De oplossing schuilt dus hierin: Zorg als horecaondernemer voor schone toiletten met meerdere kamertjes, die bij voorkeur geheel afgesloten zijn van de naburige ruimtes. Dat geeft in alle opzichten wat rust in de tent. Toiletten met een opening van boven en onder, wat in veel bioscopen gebruikelijk is, dragen ook niet bij aan een gerieflijk toiletbezoek. In het geval van deze horecawerker in een koffiebar met veel vaste gasten zou ik adviseren:  nodig de overlastgever eerst uit voor een goed gesprek onder vier ogen en vertel hem ronduit dat zijn gedrag in meerdere opzichten ongepast is. Blijkt de man inderdaad met een heel moeilijke stoelgang te kampen, spreek dan met hem (en de overige gasten) af dat hij een speciaal kamertje krijgt toegewezen waarop hij zich ongehinderd en zonder enige tijdsdruk kan terugtrekken als zijn benedenwaartse fysiek daar aanleiding toe geeft. Het moet wel vreemd lopen als er dan nog sprake is van scheve ogen. Waarschijnlijker is dat beide partijen het gesprek onder vier ogen op een prettige wijze afronden en afsluiten met een glas en een plas. Helaas is het me niet gelukt om deze uitgebreide reactie voor maandag 7 augustus naar wzud@volkskrant.nl te mailen. Sorry daarvoor Machteld, maar om te antwoorden in maximaal 110 woorden is mij doorgaans toch niet gegeven. Toch mail ik je bovenstaande even toe, onder dankzegging dat je onbewust een bijdrage hebt geleverd aan mijn komende boek ‘Pleijster Op de Wonde’. Klein adviesje voor jou, Machteld: ga toch eens praten met ‘baas’ Philippe Remarque, want die inzendtermijn is natuurlijk volstrekt ontoereikend.                          


Zaterdag 5 augustus 2017

WERELDOVERSCHOTDAG NODIGT UIT TOT BEZINNING

Het zal velen ontgaan zijn, maar de datum 2 augustus 2017 is door organisaties die daar verstand van menen te hebben uitgeroepen tot ‘Wereldoverschotdag’. De conclusie stemt zoals te verwachten viel niet bepaald vrolijk. Zo noemt het bijbehorende rapport het onheilspellend dat reeds op 2 augustus ‘de mens dit jaar net zoveel grond- en hulpstoffen verbruikt als de aarde in één jaar kan opbouwen’. Deze datum is dus niet toevallig gekozen, maar kan pas op het moment suprême worden vastgesteld. In 1981 was dat pas op 14 december het geval. Een klein rekensommetje leert dat Nieuwsjaarsdag en Wereldoverschotdag op termijn dus zullen samen vallen.
Maar niet getreurd. Om het tij nog te keren, wordt de mensheid in het rapport aangeraden het goede voorbeeld van ene Henk Tetteroo te volgen. Uit zijn persoonlijk jaarverslag zou namelijk blijken dat hij als een van de weinige (Nederlandse) aardbewoners wel uiterst zuinig en doelmatig omgaat met grondstoffen. Dat deze Henk zijn toilet doorspoelt met afwaswater,  zijn eten gaart in een hooikist en zijn persoonlijk afval composteert levert hem een eervolle vermelding op. Ongetwijfeld riep een van de samenstellers van het rapport bij het drinken van het bekende glas (na het doen van de noodzakelijke plas) heel olijk ‘Bedankt, Henk!’.  Jammer echter dat deze rapporteurs en hun uitverkoren Messias niet tot een veel logischer gedachtengang zijn gekomen. Het grootste overschot op de wereld wordt namelijk gevormd door de alsmaar uitdijende mensenmassa’s. Problemen, zeker van deze aard, hoor je bij de kern aan te pakken. En daarom pleit ik als politicus al jaren voor een gedwongen, wereldwijde geboortestop, voor een periode van minstens tien jaar. Bezint eer ge begint, en neem voorafgaande aan de vrijpartij drastische maatregelen lijkt dus het enige credo. Waarom Moeder Aarde nog verder belasten met een soort waar er al ruim 7,5 miljard exemplaren van rondlopen?  Waarom (Afrikaanse- en Arabische) vluchtelingen via een open einde regeling blijven opvangen, terwijl ze zich ongebreideld blijven voortplanten? Zeker nu de aanwijzingen steeds sterker worden dat robots vrijwel al het werk kunnen en zullen overnemen (ook in de zorgsector), en de mens dus gedoemd is om zijn toevlucht te zoeken in zaken die nu nog als ‘leuk en ontspannend’ worden ervaren, moeten landelijke overheden onmiddellijk een rem zetten op de menselijke voortplanting. Zeker voor een periode van minstens tien jaar. Draconisch? Zeker, maar al dat loze gepraat over twee of drie procentjes minder vervuiling zullen de aarde er niet bovenop helpen. Alle overheden, bedrijven, politici, opiniemakers en al die (overwegend vrouwelijke) columnisten die nu nog zo vrolijk naïef berichten over hun nakomelingen moeten maar eens inzien dat een wereldwijde, verplichte geboortestop, het liefst in combinatie met het bijna volledig terug brengen van het vliegverkeer, tevens de enige vorm van duurzaamheid is die echt iets gaat opleveren.


Donderdag 3 augustus 2017

HANDDOEK TENNISSER TE VIES OM AAN TE PAKKEN

Het leek in de finale van Roland Garros wel een stilzwijgende afspraak. Rafael Nadal gooide zijn handdoek achteloos in de lucht en altijd stond er wel een ballenjongen of meisje paraat om het bacterierijke geval op te vangen. Zodra de tennisvedette zijn doek weer terug wilde, volstond een korte knik om de desbetreffende ballenraper tot actie aan te zetten. De vraag is natuurlijk of dat eigenlijk wel tot het takenpakket van de aangevers behoort. Een leuk onderwerp om een balletje over op te werpen bij de hoofdscheidsrechter tijdens het jaarlijkse Plus-toernooi op de banen van TV Roosendaal aan de Pres. Kennedylaan.

‘Absoluut niet’, zegt deze resoluut. ‘In de loop der jaren zijn de tennisprofs door de organisaties van de grote toernooien steeds meer in de watten gelegd. Daardoor is ook het officieuze takenpakket van de ballenjongens steeds verder uitgebreid. Zo zorgen ze ook voor het natje en droogje tijdens de rustpauzes. Het staat me niet voor de geest wie ooit met het werpen der handdoek begonnen is. Het zou me niet verbazen indien dat Nadal was, aangezien hij hier een heel ritueel van heeft gemaakt. Van mij mag het in ieder geval met onmiddellijke ingang afgeschaft worden. Laten we eerlijk zijn, het is een vrij onhygiënische, zeg maar smerige bedoening. Die tennisser veegt met die handdoek niet alleen het zweet van zijn hoofd en armen. Hij gebruikt het ook nog eens als zakdoek. En dat moeten die ballenjongens en ballenmeisjes dan maar steeds opvangen. Ik krijg ook niet de indruk dat de tennissers die doeken regelmatig verschonen tijdens de wedstrijd. Volgens mij staan de jongens en meisjes volledig in hun recht als ze weigeren die handdoeken aan te reiken en op te vangen. Maar ja, dan is de kans groot dat ze verder niet meer in actie komen. De organisaties doen er immers alles aan om de spelers niet tegen hun haren in te strijken. Waarschijnlijk vinden die meisjes en jongens dat zelf helemaal geen probleem. Op die manier kunnen ze de spelers wel heel dicht naderen en bij die grote toernooien komen ze dan ook nog eens frequent in beeld. Ze vinden het natuurlijk prachtig om op die manier indruk te maken bij hun vriendjes, vriendinnetjes en familieleden’.  Tijdens de Open Plus deed zich bij twee partijen van een der favorieten ook een noviteitje voor. Tot twee keer toe stapte de favoriet na de felicitaties van zijn tegenstander in ontvangst te hebben genomen quasi achteloos van de baan. Terwijl de ‘verliezer’ keurig zijn morele plicht deed door de gravelbaan (althans zijn helft) keurig aan te vegen, keek het publiek met gefronste blik toe. De eerste keer nam een vrouw met helblonde haren gestoken in een shirt van de sponsor schouderophalend die taak op zich, waarbij de woordjes ‘Dan zal ik het maar doen!’ aan haar rode lipjes ontsnapten.  De volgende dag voelde niemand zich geroepen om in dat gat te springen.  ‘Kennelijk heeft alleen de verliezer veegcorvee’, schamperde een enigszins verbouwereerde toeschouwer. Die vraag in een moeite door ook maar aan de hoofdscheidsrechter voorgelegd.  ‘Dat is iets waar de wedstrijdleiding zich absoluut niet mee bemoeit. De toernooiorganisatie zou de speler in kwestie daarop kunnen aanspreken. Ik denk echter dat er bij de speler sprake was van verwarring. Er zijn namelijk diverse van dit soort toernooien waar de groundsmen het vegen standaard voor hun rekening nemen. Wellicht is het verstandig om daar uniformiteit in aan te brengen om dit soort misverstanden te voorkomen. Overigens zijn de gravelbanen tegenwoordig van een dermate hoge kwaliteit dat het ook niet nodig is ze na elke partij te vegen. Het is meer voor de vorm en het getuigt ook van respect voor degenen die daarna op de baan staan’.  Later zou de speler in kwestie als verklaring hebben gegeven dat hij op dat moment in ontzettende tijdnood zat wegens verplichtingen elders. Overigens stapten vrijdagochtend ook twee speelsters van de baan zonder het veeggevaarte een blik waardig te gunnen. De toernooiorganisatie had deze ochtend ook goed nieuws te melden. Hoofdsponsor Super Plus heeft het contract met drie jaar verlengd. Sinds vorig jaar is het prijzengeld voor de heren en dames gelijkgetrokken. Dat betekent dat de winnaar en de winnares zondag na de finales met een symbolische cheque ter waarde van ruim 1200 euro van de baan stappen. ‘Een extra wedstrijd na afloop van de singlefinales tussen de twee zegevierende finalisten, zou dat geen leuke noviteit zijn?’, aldus als suggestie voorgelegd aan de toernooidirecteur. Die ziet dat vooralsnog mede gezien het drukke wedstrijdschema op de slotdag nog niet zitten. Later op het terras ging de discussie over gender-neutraliteit. Het is dus wellicht denkbaar dat het in de naaste toekomst vanwege voortschrijdende inzichten en dito wetgeving helemaal niet meer is toegestaan om aparte wedstrijden voor mannen en vrouwen te organiseren. Dat biedt nogal wat perspectieven. Zie voor een nadere uiteenzetting mijn eerdere column onder de noemer ‘breukvlak sportgeschiedenis’.        


Woensdag 2 augustus 2017

MARIAHOUT BRENGT "RAPUNZEL" IN VRIENDELIJKE VERSIE

De studio’s van Walt Disney baseerden hun vijftigste speelfim ‘Rapunzul’ die eind 2010 verscheen, losjes op het bestaande sprookje ‘Raponsje’  in navolging van de  ‘Prinses en de Kikker' uit 2009. Dat leverde een nogal wat duister verhaal op, dat begon met een ontvoeringsscène. Prinses Rapunzel werd als baby uit haar kasteel ontvoerd door de slechte Moeder Gothel. Dat deed de vrouw niet omdat zo zo smartelijk verlangde naar een kind, het verhaal ging dat het zeer lange haar van Rapunzel genezende gaven zou hebben en daar zijn slechteriken natuurlijk wel vatbaar voor. Moeder Gothel sloot Rapunzel op in een hoge toren in grote afzondering. Toen het meisje langzaam een vrouw begon te worden, riep Moeder Gothel naar boven: 'Rapunzel, Rapunzel, gooi je haren naar beneden' en dan klom ze langs de lange, betoverde blonde haren van Rapunzel omhoog. Ze hoefde alleen maar met een kam door die prachtige gouden lokken te gaan om zelf eeuwig jong te blijven. Dit trucje werkte echter alleen zolang het haar nog aan het hoofd van Rapunzel zat, bij een knipbeurt zou het zijn magische toverkracht verliezen. Dat liet Moeder Gothel dus echt niet gebeuren.
Rapunzel koesterde al al jaren maar één wens, ze wilde zo graag naar de 'zwevende lichtjes', die elk jaar op haar verjaardag aan de hemel verschenen. Moeder Gothel verbood dat haar ‘oogappeltje’ ten strengste, ogenschijnlijk om de slechte krachten van de boze buitenwereld buiten de toren te houden.  Uiteraard was ‘moedertje lief’ er voor beducht dat iemand zou ontdekken dat zij Rapunzel als baby had ontvoerd vanwege de krachten die er in haar lokken schuilgaan.
Als de vrijbuiter Flynn Ryder in de toren klimt om zich te verstoppen voor zijn belagers - hij heeft zojuist uit het kasteel van de koning en koningin de kroon gestolen- ziet Rapunzel haar kans schoon.  In Flyder ziet ze een ticket naar de zwevende lichtjes. Gewapend met een koekenpan en haar kameleon Pascal gaan ze op pad. Moeder Gothel komt er al snel achter dat ‘haar’  Rapunzel is verdwenen, en gaat achter het duo aan.
Die belanden in een herberg vol dieven. Ook komen ze Maximus tegen, het paard van de wachterskapitein die een hekel heeft aan Flynn. Rapunzel sluit vriendschap met het paard, en samen reizen ze verder naar het kasteel. Dat is slechts het begin van vele spannende avonturen. Het verhaal dat Disney het publiek voorschotelde is zo complex dat Toneelvereniging Mariahout dit woensdagmiddag –twee weken na de première in Openluchttheater Mariahout-  in het Openluchttheater Vrouwenhof onmogelijk allemaal in een luchtig bedoelde jeugdproductie kon samen bundelen. Het klassieke sprookje is eenmaal verpakt in een familievoorstelling een voorstelling waarin de zoektocht naar liefde, familie en het leven centraal staat. Het verhaal draait nu om Prins Bas. Als hij de juiste leeftijd bereikt heeft, gaat hij op zoek naar een leuk meisje om mee te trouwen. Waarschijnlijk met het schrikbeeld van de Engelse Prins Charles voor ogen besluit Bas dat hij zijn oog slechts laat vallen op ‘een meisje dat hem kiest om wie hij is en niet om wat hij is’. Rapunzel voldoet helemaal aan deze karakterschets, en natuurlijk probeert vrouw Manie (een mildere versie Moeder Gothel) krampachtig het meisje voor zichzelf te houden, maar uiteraard overwint de liefde elke hindernis. Zeker in het betoverende Vrouwenhof! Bij aanvang van het stuk belandt het publiek direct bij de audiëntie die de toekomstige prinses moet aanwijzen. Prins Bas, gezegend met het uiterlijk van Willem Ruis, heeft fysiek zoveel mee dat hij zijn droomprinses wel op een natuurlijke wijze tegen het lijf loopt, ook al woont ze dan afgeschermd in een toren, die gelukkig niet de Toren van Babel blijkt te zijn. Onder het 460 koppige publiek bevonden zich ook diverse prinsesjes, wellicht in de hoop zelf een jong prinsje te scoren. Ook zonder het bereiken van dat ultieme doel was er deze middag heel wat te genieten in het Openluchttheater Vrouwenhof, dat er weer majestueus bij lag. Bestuurslid Cees van de Ven, de ‘aanvoerder’ van de groene polobrigade, was dik tevreden over de opkomst. ‘Het lijkt er wel op dat iedereen die (nog) niet op vakantie is deze middag voor het Vrouwenhof heeft gekozen. ‘Met geduld en vertrouwen komt het allemaal goed’, zo werd op het podium verkondigd door de koningin. Die uitspraak had deze middag ook uit de mond van Cees van de Ven kunnen komen, want met nog diverse leuke middagvoorstellingen in het vooruitzicht, ziet hij de toekomst van het openluchttheater zonnig in. Dat enkele regenwolken even als spelbreker probeerden te fungeren, deed daar niets aan af. Onder het publiek waren het ook louter vreugdevolle reacties die er op te tekenen vielen.  ‘Als kind heb ik toneelvereniging Mariahout vaak aan het werk gezien in het Vrouwenhof. Bij de vroegere directeur van De Kring, Leo Kievit, was dit gezelschap altijd vaste prik. Nu ben ik de mama, en het is leuk om mijn kinderen op dezelfde wijze te zien genieten als ik vroeger zelf deed. Voor mij was dit dus ook een middagje nostalgie’, aldus een montere deerne die op eigen houtje het park een stuk mooier kleurde. Bij de entree van het park klonken ook tevreden geluiden. ‘Steeds minder bezoekers proberen hun auto in het park te parkeren. Dat mag nu eenmaal niet en het lijkt wel dat dit inmiddels algemeen bekend is. Vrijwel iedereen komt nu op de fiets en dat is een ontwikkeling die wij van harte toejuichen’, aldus een van de trouwe medewerkers.  
Toneelvereniging Mariahout – Rapunzul.  Gezien door Jaap Pleij op woensdag 2 augustus in het Openluchttheater Vrouwenhof. Op woensdag 9 augustus kunnen de sprookjesliefhebbers hier om 14.00 uur terecht voor de Aladdin Kindershow,         


Dinsdag 1 augustus 2017

HENDRIK GROEN ZOEKT LOKALE OUDERENKOREN

Bos Theaterproducties brengt het boek Pogingen iets van het leven te maken van Hendrik Groen naar het theater. De producent is op zoek naar ouderenkoren die willen meespelen in de voorstelling. De levenslustige komedie met in de hoofdrollen Beau Schneider, Plien van Bennekom/Cynthia Abma en Mike Weerts,  is op woensdag 21 februari 2018 te zien in De Kring.

In de voorstelling volgt het publiek alle ups en downs in het verzorgingstehuis van Hendrik Groen en zijn vrienden. Er zijn natuurlijk meer bewoners en daarvoor is de producent op zoek naar lokale of regionale ouderenkoren die natuurlijk de kans krijgen om te zingen. Het repertoire betreft acht Oudhollandse liedjes zoals Hoeperdepoep zat op de stoep en Oh was ik maar bij moeder thuis gebleven. Het is de bedoeling dat het koor de liedjes zelf instudeert met hun eigen dirigent. Op de avond zelf is er voorafgaand aan de voorstelling nog een laatste repetitie.  Voor deze eenmalige vacature komen in aanmerking: koren (mannen en vrouwen) met leden van 65 jaar of ouder van ongeveer vijftien personen.  Belangstellende koren worden verzocht zo snel mogelijk een e-mail te sturen naar hendrikgroen@bostheaterproducties.nl. Vragen kunnen ook aan dit adres worden gericht.